Is spreken wel zilver en zwijgen wel goud?

Na een aanhouding staat je leven op zijn kop. Je verkeert vaak in grote onzekerheid over wat er gaat gebeuren en je maakt je zorgen over jezelf en over anderen. Je hebt er misschien ook nooit aan gedacht om vooraf contact te zoeken met een advocaat om door te praten wat een juiste strategie is voor als het verkeerd gaat. De advocaat die nu bij je op bezoek komt heeft vaak alleen nog maar een formulier ontvangen waarop staat waar je op dat moment van wordt verdacht en heeft meestal nog geen idee over wat de politie tegen je heeft verzameld. Verder zijn er misschien medeverdachten waarvan het onduidelijk is of en wat ze gaan verklaren.

Veel advocaten zijn dan ook geneigd om je te adviseren je bij alle vragen op je zwijgrecht te beroepen. Je hebt immers het recht om jezelf niet te belasten en de politie is zelfs verplicht je dit vóór ieder verhoor uitdrukkelijk te zeggen. Voor die strategie valt best veel te zeggen, maar er kleven wel degelijk ook nadelen aan. De vraag of er wel of niet en wat (meteen) moet worden verklaard is misschien wel de lastigste vraag voor een advocaat om te beantwoorden. Dat vergt een goed gesprek met de cliënt en liefst snel vertrouwen in elkaar.

Rechters zijn namelijk steeds vaker geneigd consequenties te verbinden als je pas op een laat moment komt met een verklaring. Ze denken dan dat het wel erg eenvoudig is om na het lezen van het hele dossier met een verhaal te komen dat precies overal tussendoor fietst. Ze kunnen dan oordelen dat deze verklaring minder geloofwaardig is en deze terzijde schuiven. Dat is een beetje overgewaaid uit Engeland waar rechters al heel lang consequenties kunnen verbinden aan het feit dat iemand er voor heeft gekozen om iets niet zo snel mogelijk duidelijk te maken. Ook rechters die na een vrijspraak moeten oordelen over een schadevergoeding wijzen deze steeds vaker af als de verdachte een zwijgende positie heeft ingenomen. Men vindt dan dat de verdachte het aan zichzelf te wijten heeft dat hij langer van zijn vrijheid is beroofd omdat hij er niet voor heeft gekozen ontlastende informatie meteen naar voren te brengen. Dat is uiteraard zuur, want het gaat vaak om aanzienlijke bedragen.

Het is dus taak voor de verdachte om zo snel mogelijk met een advocaat waarin hij vertrouwen heeft alle ins en outs goed door te spreken en van meet af aan samen een goede strategie te bepalen. Dat kan best zwijgen worden, maar wat mij betreft lang niet in alle gevallen! Wat een advocaat in ieder geval nooit moet doen is adviseren om onwaarheden te verklaren. Als deze namelijk uitkomen is er sprake van een kennelijk leugenachtige verklaring en heb je het bewijs tegen jezelf vaak geleverd! Overigens heeft de advocaat tegenwoordig na de aanhouding recht om het dossier in te zien. Dat wordt meestal niet toegestaan, of moeilijk gemaakt maar een goede advocaat berust daar niet in, vraagt door en spant desnoods een kort geding aan tegen de staat om de stukken te krijgen.

Het spreekwoord spreken is zilver en zwijgen is goud is in het strafrecht dus echt aan herziening toe.

Geertjan van Oosten

Geertjan van Oosten

strafrechtadvocaat bij van Oosten-Schulz-de Korte