En wat zijn dit jaar de goede voornemens van de strafwetgever?

Nu de kruitdampen van de enorme hoeveelheid afgestoken vuurwerk zijn opgetrokken, is een korte bespreking van de wet- en regelgeving die op 1 januari 2020 in werking zijn getreden, op zijn plaats.

Verhoging van strafmaxima
Voor verschillende strafbare feiten is het strafmaximum verhoogd. Zo is het strafmaximum voor bijvoorbeeld het aanzetten tot geweld, haat of discriminatie verhoogd van één naar twee jaar; het bezit van bepaalde vuurwapens gaat omhoog van vier naar 8 jaar; op deelname aan een bepaalde criminele organisatie staat nu maximaal tien jaar (eerder zes) en het hinderen van hulpverleners kan drie maanden gevangenisstraf opleveren (eerder één). Dit laatste artikel is gelet op problematiek rondom de jaarwisseling al ingegaan op 31 december 2019. De maximale straf voor gevaarlijk rijden gaat van 2 naar 6 maanden gevangenisstraf, ook in zaken zonder letsel of schade. Automobilisten die door roekeloos rijden een ernstig ongeluk veroorzaken, kunnen maximaal 6 jaar gevangenisstraf krijgen. Let op: als de feiten vóór de inwerkingtreding van de verhoging zijn gepleegd, geldt het oude recht.

Strafbaarstelling
Behalve strafverhogingen zijn er ook gedragingen strafbaar gesteld, die eerder nog niet voorkwamen in het Wetboek van Strafrecht. Het strafrecht heeft regelmatig een update nodig. Niet zelden loopt het strafrecht gewoonweg achter op de maatschappelijke ontwikkelingen. Zo was het met de tot 1 januari jl. geldende wet- en regelgeving lastig om wraakporno te vervolgen en te bestraffen. Vaak was er hooguit sprake van een privacy-schending, die op zichzelf niet strafbaar was, maar civielrechtelijk aangepakt diende te worden. In de nieuwe wet wordt het stiekem vervaardigen van seksueel beeldmateriaal, zoals het filmen onder een jurk of rok, dus ook met een straf bedreigd. Ook het bezit of openbaar maken van dergelijk –stiekem verkregen- materiaal is nu strafbaar gesteld. Het is niet meer nodig dat er sprake is van seksueel relevante interactie. Dit kan in de praktijk tot interessante rechtsvragen leiden. Als bijvoorbeeld een gezicht niet in beeld is, betekent dat niet per se dat het filmpje stiekem is gemaakt.

Verder is het nu strafbaar om seksueel beeldmateriaal van een ander, dat weliswaar met medeweten van de betrokkene is verkregen, te openbaren met het oogmerk van benadeling. Een foto kan weliswaar met instemming zijn gemaakt, maar het wordt strafbaar als een dergelijke foto wordt verspreid, bijvoorbeeld in combinatie met een naam en telefoonnummer. Daarnaast kan natuurlijk nog een civielrechtelijke claim worden ingediend.

Organisatorische verandering
Ook op het organisatorische vlak zijn er veranderingen. Zo is dit jaar een wet in werking getreden die de verantwoordelijkheid voor de tenuitvoerlegging van straffen van het openbaar ministerie (OM) overhevelt naar de minister voor Rechtsbescherming. Dit is de Wet herziening tenuitvoerlegging Strafrechtelijke Beslissingen (wet USB). Deze wet is ingegeven door de praktijk. Er zit te vaak te veel tijd tussen de uitspraak van de rechter en de uiteindelijke uitvoering van de straf. Benadeelden zijn daarbij niet gebaat, maar veroordeelden die zo snel mogelijk de zaak achter zich willen laten en door willen met hun leven, evenmin. Veroordeelden zouden er dus op kunnen rekenen sneller te worden opgeroepen voor het uitzitten van hun straf. Verder zou er beter toezicht worden gehouden op de naleving van de voorwaarden die in het kader van een voorwaardelijke straf/invrijheidstelling zijn opgelegd. Om de samenwerking in de keten te bevorderen komt de regie over de tenuitvoerlegging van straffen in handen van de minister in plaats van het OM . Zo zou de minister meer zicht op de uitvoering krijgen. Het OM zou zich dan meer moeten kunnen richten op zijn kerntaken, te weten de opsporing en vervolging van strafbare feiten.

Dit waren enkele in het oog springende veranderingen per 1 januari 2020. Maar hoe goed er ook in een studeerkamer over een nieuwe wet zal zijn nagedacht, de werkelijkheid zal altijd blijven verrassen. Pas in de rechtszaal zal blijken hoe waterdicht en effectief de wetten daadwerkelijk zullen zijn.

Mr. D.M. Penn

David Penn

Strafrechtadvocaat bij Penn Advocaten