DNA zeker niet alleen maar nuttig

Rond oud en nieuw wordt regelmatig aan mij gevraagd welke strafzaak mij het meest is bijgebleven uit het afgelopen jaar. Dat is natuurlijk met afstand de Marengozaak, de moord op Derk Wiersum. Zaak nummer 2 op mijn lijstje is een opmerkelijke.
In 2015 vond in een vakantiehuisje in Hooge Zwaluwe een criminele confrontatie plaats die afliep met twee dodelijke slachtoffers en een aantal gewonden. Belgen waren naar Nederland gekomen voor een cocaïnedeal, ze werden bij die “deal” geript, vastgebonden en één van hen werd daarna door zijn lichaam geschoten. De Belgen wisten zich met de dood voor ogen los te rukken, er vielen schoten en twee rippers werden dodelijk getroffen. In het opsporingsonderzoek werd vastgesteld dat de rippers vuurwapens bij zich hadden, de Belgen ontkenden geschoten te hebben en de loop der gebeurtenissen was nog steeds onduidelijk toen de strafzaak eind 2019 diende bij de rechtbank in Breda.
Ook de rechtbank kon de gang van zaken niet reconstrueren maar een en ander was wel duidelijk genoeg om het beroep op noodweer van de Belgen te honoreren. Voor mijn collega’s en mij een mooi succes, maar iets anders maakte de zaak voor mij bijzonder.

Dat er minstens drie rippers – twee verkleed als politiemensen – waren geweest stond wel vast maar de Belgen verklaarden dat er meer dan die drie waren geweest. In het forensisch onderzoek werden inderdaad DNA sporen van andere personen aangetroffen. Deze hadden echter, in 2015, geen match in de DNA-bank opgeleverd.
Op de zitting in oktober 2019 meldde de officier van justitie dat hij nieuws had, dat hij achter gesloten deuren wilde bespreken. Pers en anderen weg en toen kwam het bericht dat er zeer recent toch een match was, notabene met het DNA dat in de achterzak van de spijkerbroek van een dodelijk slachtoffer (afkomstig uit Almere) was aangetroffen. Dit moest natuurlijk uitgezocht worden maar hoe? De politie was na de match al bij de donor van het DNA langs geweest, die bleek in het buitenland te zitten en aan zijn vrouw was verteld dat de politie in Brabant hem wilde spreken.
De rechtbank besloot deze donor – vooralsnog als getuige – ter zitting te horen. Hij moest volledig onwetend op de zitting geconfronteerd worden met de DNA-match. Hoe kon zijn DNA in die achterzak zitten? Hij werd ‘s ochtends in alle vroegte van zijn bed gelicht, waarbij tegen zijn vrouw werd gezegd dat hij getuige was in een moordzaak. De vrouw raakte volledig in paniek, eerst de politie aan de deur over een zaak in Brabant en nu dit. Getuige in een moordzaak? Dan was hij er toch bij geweest? Terwijl zij niet beter wist dan dat haar man nog nooit in Brabant was geweest.

De getuige was net zo ontredderd toen hij de zaal binnen werd gevoerd. De voorzitter begon de ondervraging en zij bouwde de spanning langzaam op, de getuige tastte voorlopig volledig in het duister en bleef maar hulpeloos om zich heenkijken en herhalen – smekend – dat hij niet bij een moord was geweest en daar ook niets van af wist. Al snel had hij het ook over de spanningen en de angsten die nu thuis waren ontstaan
De man bleek al jaren van een uitkering te leven en na doorvragen verklaarde hij dat hij in 2015 bijkluste. Kleine complicatie want hier doemde mogelijk een uitkeringsprobleempje op. Interessanter was de aard van dat bijklussen, dat was namelijk het verkopen van spijkerbroeken. Hij verkocht toen aan Amsterdammers en vaak aan een paar vaste klanten uit Almere. Hij kon dit allemaal bewijzen want de mensen kenden hem en hij had de inkoopfacturen nog thuis liggen. Kwam hij ook wel eens in de achterzakken ? Jazeker, de klanten vroegen hem vaak het label te verwijderen en dat ging via de achterzak. Dit was een afdoende verklaring voor de DNA vondst, de getuige kon vertrekken.
Omdat ik onder de indruk was van de paniek van de man en met hem en zijn vrouw te doen had heb ik hem ‘s avonds gebeld en gevraagd of hij het prettig zou vinden wanneer ik hem en zijn vrouw nog eens rustig zou uitleggen wat hier nu gebeurd was.
Toen ik zijn vrouw aan de lijn kreeg bleek mij dat de man zeker niet had overdreven, het leven van het gezin was op zijn kop gezet. Gelukkig kon ik tussen de tranen door goed met hen praten en in ieder geval begreep de echtgenote uiteindelijk dat haar man er echt helemaal buiten stond.
Voor mij was in ieder geval weer eens duidelijk geworden hoeveel ellende DNA kan veroorzaken, hier werd een volledig onschuldig gezin getroffen. Ook in deze zaak kwam de alternatieve betekenis van de afkorting DNA goed tot zijn recht: Dit Niet Achterlaten.

Wordt vervolgd.

Peter Plasman

Peter Plasman

strafrechtadvocaat bij Plasman Advocaten