Goederen binnen de inrichting

Zodra u in een penitentiaire inrichting komt, dan wilt u natuurlijk zo veel mogelijk over dezelfde goederen kunnen beschikken als thuis. Binnen de P.I. gelden echter andere regels.

Invoeren en uitvoeren van goederen
U kunt zelf goederen in- en uitvoeren in de P.I. U kunt echter alleen goederen invoeren die op de lijst van toegestane goederen staan. In de huisregels van de P.I. kan worden bepaald dat het bezitten van bepaalde goederen verboden is. Dit staat in artikel 45 van de Penitentiaire Beginselenwet (Pbw). Controleer voordat u goederen invoert dus altijd de huisregels. In artikel 4.5.1. van de Regeling model huisregels penitentiaire inrichting (Rmhpi) is een overzicht van goederen opgenomen welke u sowieso niet mag hebben binnen de P.I. Voorbeelden hiervan zijn een zaklamp en een fototoestel. Indien u toch goederen vermeld op het overzicht wenst in te voeren en de directeur wijst het verzoek af, dan staat er geen beklag open tegen deze beslissing. Ook het bezit van contant geld binnen de inrichting is niet toegestaan (art. 46 Pbw).

Gunst van de directeur
Wanneer de directeur u toestemming geeft om een bepaald voorwerp in te voeren, dan moet u dit zien als een gunst van de directeur aan u. Het invoeren van dit betreffende voorwerp is absoluut geen recht. Wanneer u een bepaald voorwerp van de directeur mag invoeren, wil dit niet zeggen dat u dit voorwerp, in het geval dat u wordt overgeplaatst, automatisch ook in de andere P.I. mag hebben. Sterker nog, u moet in dat geval opnieuw een verzoek indienen waarbij u vraagt of u het voorwerp mag invoeren.

Goederen kwijt of beschadigd?
Wanneer u in een (nieuwe) P.I. binnenkomt, moet u meestal een formulier ondertekenen waarin u aangeeft dat u het risico draagt voor de goederen die u meeneemt naar uw cel. De directeur is dan, behalve in het geval van opzet of roekeloosheid, niet meer aansprakelijk (art. 49 Pm). Toch kan zich een situatie voordoen waarin uw goederen kwijtraken of beschadigd raken zonder dat u daar schuld aan heeft, bijvoorbeeld tijdens een celinspectie in uw afwezigheid. Indien u na dergelijke inspectie bij terugkomst op uw cel ziet dat u goederen kwijt bent of dat uw goederen beschadigd zijn, dan is het aan u om aan te tonen dat deze goederen niet kwijt of beschadigd waren vóór de celinspectie. U moet dan kunnen aantonen dat dit de schuld is van het personeel. Let op, bij een celinspectie in uw afwezigheid, is de directeur verantwoordelijk voor uw goederen die u op uw cel heeft. De hoofdregel is dat de deuren van een celruimte worden gesloten tijdens uw afwezigheid. Gebeurt dit niet, dan is de directeur in principe verantwoordelijk voor eventuele vermissingen en/of beschadigingen. Zo heeft de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) ooit geoordeeld dat de directeur van de P.I. aansprakelijk was voor het kwijtraken van een horloge van een gedetineerde, omdat hij niet kon aantonen dat de celdeur na de celinspectie op juiste wijze was gesloten.

Beklag
Indien u merkt dat u goederen kwijt bent of dat uw goederen beschadigd zijn en dit niet uw schuld is, dan kunt u daartegen een klacht indienen bij de Commissie van Toezicht. Beschrijf in uw klacht heel duidelijk om welk goed het gaat en wat er precies kapot of beschadigd is.

Wanneer u een klacht wilt indienen, kunt u zich altijd tot ons kantoor wenden. Wij kunnen u dan van een passend advies voorzien.

Mw. mr. B.N.R. (Bo) Maenen – Advocaat
mr. M.C.J. (Menno) Heinen – Juridisch Medewerker
Beiden werkzaam bij Van Berge Henegouwen Advocaten

Sjoerd van Berge Henegouwen

Sjoerd van Berge Henegouwen

strafrechtadvocaat bij van Berge Henegouwen advocaten