Uit angst voor TBS onderzoek weigeren?

De afgelopen weken was er naar aanleiding van het debat rond Anne Faber weer veel te doen over tbs. Als gedragskundig onderzoek wordt verwacht licht een strafrechtadvocaat zijn cliënt grondig voor over tbs. Er is veel te zeggen over voor- en nadelen. Twee voorbeelden. Positief is dat mensen er meestal beter uitkomen. Ex-tbs-gestelden vallen 3 tot 4 keer minder in herhaling dan ex-gedetineerden. Niemand wil recidiveren. Nadelen zijn er ook. Een voorbeeld is de lange tbs-duur. Potentieel levenslang.

Na voorlichting willen de meeste cliënten tbs voorkomen. Soms wordt gedacht dat onderzoek door een psycholoog en psychiater weigeren verstandig is. Is dat altijd zo? De rechter moet een stoornis vaststellen om tbs op te leggen. Dat kan zonder gedragskundig onderzoek maar het is dan wel moeilijker.

Pas geleden nam ik een zaak over die in hoger beroep diende. Bij de rechtbank had client medewerking aan onderzoek geweigerd. De rechtbank legde tbs op en gebruikte een rapport van het Pieterbaancentrum dat toch was opgemaakt. In hoger beroep werkte cliënt alsnog mee. Het advies: tbs is niet aan de orde.

De vraag wanneer “weigeren” verstandig is, is niet eenvoudig te beantwoorden. Een aantal factoren spelen een rol. Ontkent de verdachte of zwijgt hij over de verdenking? Dan ligt meewerken aan gedragskundig onderzoek niet automatisch voor de hand.

Als er eerdere rapportages zijn van een psychiater of psycholoog waarin een stoornis is vastgesteld is nieuw onderzoek weigeren vaak een risico. In dat geval kan de rechter de oudere rapporten gebruiken. Of hier goed verweer tegen te voeren is hangt van diverse zaken af. Denk aan ouderdom van de rapporten of de aard van de stoornis die eerder is vastgesteld. Is er sprake van een onveranderbare stoornis, zoals zwakbegaafdheid, dan verdwijnt die niet door tijdsverloop.
Het is belangrijk of andere informatie beschikbaar is, zoals over eerdere behandelingen via de reclassering of de reguliere GGZ (RM). Ook dat kan een rechter gebruiken om een stoornis vast te stellen.

Ik heb zaken gezien waar het OM oudere strafdossiers erbij pakte. Dan werd een opsomming gemaakt van uitspraken van de verdachte uit het verleden die volgens het OM bizar waren. Zo werd geprobeerd de rechter te overtuigen dat er een stoornis was. Soms wordt uitgebreid gesproken met familie van een verdachte. Een advocaat moet met zijn client bespreken of daar risico’s zijn.

Als een ernstig delict wordt bekend en rekening wordt gehouden met de aanname van een stoornis kan meewerken aan onderzoek verstandig zijn. Als een verdachte in staat is ziekte-inzicht en behandelbereidheid te tonen bestaat de kans tbs met dwangverpleging te ontlopen. Dan zijn er andere mogelijkheden. Behandeling kan ook worden vormgegeven in het kader van vervroegde invrijheidstelling, een voorwaardelijke straf of tbs met voorwaarden, ook wel tbs-light genoemd.

Bij angst voor levenslang kan meewerken aan onderzoek essentieel zijn. Als iemand niet volledig toerekeningsvatbaar is en door behandeling herhalingsrisico kan worden teruggebracht bestaat de mogelijkheid levenslange opsluiting te voorkomen.

Problematisch is het als verdachten kampen met bijvoorbeeld psychoses of wanen. Degene die daaraan lijdt zal dit meestal zelf niet herkennen. Tegelijk is zo’n geestestoestand moeilijk te verbergen. Onderzoek weigeren is dan niet zinvol.

Kortom: het is ingewikkeld te bepalen of medewerking aan gedragskundig onderzoek moet worden geweigerd. Advies door een specialist is zeer belangrijk.

Job Knoester

Job Knoester

strafrechtadvocaat bij Knoester Van Der Hut Alberts & Korteling Advocaten